U bent nu hier:

Nachtelijke spierkrampen in de benen en medicatie

Publicatie Nr. 04 - 20 april 2012
Jaargang 46
Rubriek Nieuwe onderzoeken
Auteur dr P.H.Th.J. Slee
Pagina's 46-47

Achtergrond. Nachtelijke spierkrampen zijn pijnlijke, onwillekeurige krampen in de benen of voeten die tijdens langdurige rust voorkomen en vaak de slaap verstoren. Deze komen met een prevalentie van 37-50% vaak voor bij ouderen vanaf 65 jaar.1 Voor de behandelingen van spierkrampen is hydrokinine (Inhibin®) geregistreerd. Spierkrampen worden wel in verband gebracht met het gebruik van diuretica, statinen en langwerkende inhalatie-β2-sympathicomimetica (LABA’s), maar het bewijs voor deze associaties is zwak. Onderzoekers wilden deze associaties nader objectiveren.2

Methode. Het primaire doel was te onderzoeken of behandelingen voor spierkrampen toenamen in het jaar volgend op de introductie van diuretica, statinen of LABA’s. Kinine (merkloos) werd in Canada het meest en bijna uitsluitend voorgeschreven voor de behandeling van spierkrampen. Door het gebruik van kinine te koppelen aan dat van één van drie geneesmiddelengroepen (indexmiddelen), kunnen veranderingen in de behandeling van spierkrampen worden opgespoord. Secundaire doelen waren om te onderzoeken of er verschillen waren te ontdekken tussen de drie belangrijkste diureticagroepen (kaliumsparend, thiazide- en lisdiuretica) en twee groepen LABA’s (monotherapie of in combinatie met corticosteroïden).
Er werd gebruik gemaakt van de zogenoemde ’sequence symmetry analysis’ (SSA).3 Uitgangspunt hiervan is dat, bij afwezigheid van een relatie, het aantal patiënten bij wie kininegebruik volgde op het gebruik van één van de indexmiddelen gelijk is aan het aantal patiënten bij wie het kininegebruik vooraf ging aan het gebruik van de indexmiddelen. Door het aantal paren ’kinine volgend’ te delen door het aantal paren ’kinine voorafgaand’, werd een zogenoemde ‘sequentieratio’ berekend. Als het voorschrijfgedrag niet in de tijd verandert en er geen relatie is tussen de onderzochte middelen, wordt een sequentieratio van 1 verwacht, als er wel een relatie is, wordt een sequentieratio groter dan 1 verwacht.
Een geautomatiseerd Canadees gegevensbestand dat betrekking heeft op 4,2 miljoen inwoners werd gebruikt om in de periode januari 1996 tot juni 2009 de sequentieratio’s te onderzoeken. Insluitcriteria waren onder meer: leeftijd boven 50 jaar, voorschrift voor één van de drie klassen geneesmiddelen binnen één jaar nadat met kinine was begonnen (voor of na), een herhalingsrecept van het indexmiddel binnen één jaar na de begindatum.

Resultaat. Het gegevensbestand bevatte 24.417 patiënten boven de 50 jaar die kinine gebruikten en aan de insluitcriteria voldeden. Hiervan gebruikten 1.590 patiënten diuretica, van wie 13,0% kaliumsparende diuretica, 61,5% thiazidediuretica en 25,6% lisdiuretica. 576 patiënten gebruikten LABA’s: 23,8% LABA-monotherapie en 76,2% een combinatie van LABA’s en corticosteroïden. 1326 patiënten gebruikten statinen: 66,1% atorvastatine (Lipitor®), 19,5% simvastatine (merkloos, Zocor®) en 10,7% rosuvastatine (Crestor®). De sequentieratio’s waren als volgt: 1,47 (1,33-1,63) voor diuretica, 1,16 (1,04-1,29) voor statinen en 2,42 (2,02-2,89) voor LABA’s. Voor subklassen diuretica waren de aangepaste sequentieratio’s: 2,12 (1,61-2,78) voor kaliumsparende, 1,48 (1,29-1,68) voor thiazide- en voor lisdiuretica was de ratio niet-significant. Voor LABA-subklassen was de ratio 2,17 (1,56-3,02) voor monotherapie en 2,55 (2,06-3,12) voor combinatietherapie van LABA’s en corticosteroïden.

Conclusie onderzoekers. Behandeling van nachtelijke krampen was waarschijnlijker in het jaar na de introductie van LABA’s, kaliumsparende diuretica of thiazidediuretica. 60,3% van de kininegebruikers (identiek met individuen met nachtelijke krampen) ontvingen ten minste één van deze geneesmiddelen gedurende een periode van 13 jaar. De kans op nachtelijke spierkrampen was klein bij statinen en lisdiuretica.

Plaatsbepaling

Dit onderzoek heeft een aanwijzing opgeleverd dat spierkrampen kunnen voorkomen als bijwerking na het gebruik van langwerkende inhalatie-β2-sympathicomimetica, kaliumsparende diuretica en thiazidediuretica. Deze geneesmiddelen zouden nachtelijke spierkrampen die bij ouderen vaak voorkomen, mogelijk kunnen verergeren. Nader onderzoek zal dit verband aannemelijk moeten maken. De onderzoekers hebben in hun analysen onvoldoende rekening gehouden met verstorende factoren (confounders), waardoor onvoldoende duidelijk is gemaakt dat de associatie werkelijk tot deze geneesmiddelen is beperkt.
Voor spierkrampen geldt een uitgebreide differentiaaldiagnostiek, zoals ‘restless legs’ (Gebu 2004; 38:73-77). Ook kunnen spierkrampen door andere geneesmiddelen zoals nifedipine (merkloos, Adalat®), worden veroorzaakt.



Literatuurreferenties

1. Abdulla AJ, et al. Leg cramps in the elderly: prevalence, drug and disease associations. Int J Clin Pract 1999; 53: 494-496.
2.
Garrison SR, et al. Nocturnal leg cramps and prescription use that precedes them; a sequence symmetry analysis. Arch intern med 2012; 172: 120-126.
3. Hallas J. Evidence of depression provoked by cardiovascular medication: a prescription sequence symmetry analysis. Epidemiology 1996: 7; 478-484.

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd